Wat is het
Dit is de nieuwste Mercedes E-Klasse. Officieel de zesde generatie, tenzij je besluit om de volledige geschiedenis mee te tellen. In dat geval kijk je naar meer dan vijftig jaar ontwikkeling en ruim zestien miljoen verkochte exemplaren. Dat maakt dit niet zomaar een auto, maar eerder een instituut op wielen. En zoals dat gaat met instituties, verandert er veel, maar ook weer niet genoeg.
Alleen is het speelveld veranderd. Jaguar is praktisch verdwenen uit dit segment en Volvo speelt een bijrol. Mercedes staat hier dus vooral tegenover zichzelf en de vraag hoe je comfort relevant houdt in een wereld die steeds digitaler wordt.
Motoren en techniek
Mercedes gooit er direct een flinke lijst motoren tegenaan, maar onder de oppervlakte lijkt alles verrassend veel op elkaar. De basis bestaat uit viercilinder benzine en dieselmotoren rond de 200 pk, allemaal voorzien van mild hybrid techniek. Prima voor dagelijks gebruik, zuinig genoeg en stil zolang je rustig rijdt. Maar zodra je meer vraagt, merk je dat ze niet helemaal passen bij het luxe karakter van de auto. Ze worden rauw, een beetje nasaal zelfs, en dat voelt simpelweg niet premium.
De plug in hybrides maken het interessanter. Met een accupakket van ruim 19 kWh en een elektrische actieradius tot ongeveer 100 kilometer kun je in de praktijk bijna alles elektrisch doen. Dat maakt ze aantrekkelijk voor zakelijke rijders die fiscaal willen optimaliseren zonder volledig elektrisch te gaan. Maar ook hier geldt dat de basis nog steeds die viercilinder is, en die blijft de zwakke schakel.
Dan is er de motor die je eigenlijk wilt hebben, maar die bijna niemand bestelt. De E 450 d met een 3.0 liter zescilinder diesel en bijna 400 pk. Dit is hoe een E-Klasse hoort te voelen. Soepel, krachtig en moeiteloos. Het soort motor dat je laat afvragen waarom alles tegenwoordig per se kleiner moet.
Bovenaan staat de AMG E53, die het allemaal nog een stap verder trekt met een combinatie van een zescilinder en een elektromotor. Meer dan 600 pk, een sprint naar de 100 in minder dan vier seconden en alsnog een elektrische actieradius. Indrukwekkend, maar ergens ook een beetje klinisch. Alsof hij heel hard probeert om spannend te zijn zonder echt los te durven gaan.
Design en uitstraling
De nieuwe E-Klasse leunt visueel sterk op de elektrische modellen van Mercedes. Dat betekent vloeiende lijnen, een glad profiel en een focus op aerodynamica. Met een luchtweerstandscoëfficiënt van ongeveer 0,23 is hij efficiënter dan ooit, maar ook een beetje… braaf. Het mist net dat beetje karakter dat je vroeger direct herkende.
Hij staat netjes tussen de C-Klasse en S-Klasse in, precies zoals Mercedes het bedoeld heeft. Alleen die details, zoals de driepuntige ster in de achterlichten, voelen een beetje geforceerd. Alsof iemand in de designafdeling dacht dat het nog net iets opvallender moest, terwijl dat eigenlijk niet nodig was.
Interieur en technologie
Stap in en je wordt overladen. Letterlijk. Schermen overal. Voor de bestuurder, in het midden en zelfs voor de passagier. Het dashboard voelt als een miniatuurversie van een high tech controlekamer. Indrukwekkend, zonder twijfel. Maar ook overweldigend.
Je kunt selfies maken met een ingebouwde camera, videobellen via 5G en zelfs apps zoals TikTok gebruiken terwijl je stilstaat. De auto kan deels zelf inhalen en projecteert navigatie-informatie op de voorruit alsof je in een videogame zit. Het probleem is alleen dat het nooit stil is. Er gebeurt altijd iets. Iets dat knippert, beweegt of aandacht vraagt.
En dat staat haaks op waar een E-Klasse altijd voor stond. Rust. Ontspanning. Comfort. In plaats daarvan krijg je een constante stroom aan informatie en haptische knoppen die niet altijd doen wat je verwacht. Het voelt alsof niemand binnen Mercedes heeft gevraagd of dit allemaal echt nodig was.
Prijs in Nederland
De prijzen maken het plaatje compleet. In Nederland begint de E-Klasse rond de 75.000 euro voor een basis benzinevariant. De plug in hybrides zitten al snel tussen de 85.000 en 95.000 euro, afhankelijk van uitvoering. De zescilinder diesel loopt richting de 100.000 euro en de AMG E53 gaat daar ruim overheen.
In de lease betekent dat bedragen tussen de 1.000 en 1.600 euro per maand. En ja, dat begint gevaarlijk dicht in de buurt te komen van S-Klasse geld. Iets wat je een paar jaar geleden nog niet snel zou zeggen over een E-Klasse.
Hoe rijdt het
Hier gebeurt iets interessants. Mercedes heeft niet geprobeerd om de sportiefste te zijn. Dat laten ze over aan BMW. In plaats daarvan hebben ze vastgehouden aan comfort. En dat merk je. De auto voelt ontspannen, stabiel en vergevingsgezind. Je wordt niet uitgedaagd om harder te rijden dan nodig is. Hij nodigt juist uit om het rustig aan te doen.
Dat betekent niet dat hij slecht rijdt. Integendeel. Grip is er genoeg, de besturing is vloeiend en hij verwerkt oneffenheden netjes. Maar het mist scherpte. De automaat reageert soms traag en de remmen, zeker bij de plug in hybrides, voelen zacht en minder direct dan je zou willen.
Dit is geen auto voor de liefhebber die bochten wil aanvallen. Dit is een auto voor iemand die na een lange dag instapt, de deur sluit en zonder moeite naar huis wil glijden. En daarin is hij nog steeds ijzersterk.
Alleen blijft er een gevoel hangen dat het ooit beter was. Alsof dit de laatste E-Klasse met verbrandingsmotor is en hij eigenlijk een grootse finale had moeten zijn. In plaats daarvan is het een zeer capabele, comfortabele en indrukwekkend uitgeruste auto die nét dat beetje ziel mist dat hem echt onvergetelijk maakt.